De 10-80-10-regel: waarom delegeren in KMO’s vaak misloopt

“Doe maar een voorstel.” Het klinkt als vertrouwen geven aan uw team. In de praktijk is het vaak de start van weken werk die achteraf overgedaan moeten worden. Kaders geven bij delegeren is niet hetzelfde als taken loslaten — en net dat onderscheid maakt het verschil tussen een team dat groeit, en een team dat gedemotiveerd raakt.

Waarom loopt delegeren zonder kaders vaak fout?

Ik maakte dit zelf mee als interim manager bij een textielbedrijf. Het team kreeg de opdracht om een ontwerp uit te werken voor een beursstand op een belangrijke vakbeurs. Ik gaf de vrijheid om zelf een voorstel samen te stellen. Ze spraken met standenbouwders, verzamelden inspiratie, en kwamen na enkele weken terug met een uitgewerkt ontwerp. Enthousiast, overtuigd, helemaal klaar om ermee door te gaan.

Ik was niet enthousiast. Te groot budget. Te veel overbodige elementen. Te weinig ruimte om het product zelf in de kijker te zetten. En daar zat ik dan, als degene die alles moest afkeuren, terwijl het team het ontwerp in hun hoofd al helemaal had goedgekeurd.

Waar zat de echte fout — bij het team, of bij de leidinggevende?

Het probleem lag niet bij hun ontwerp. Het lag bij mezelf. Ik had hen op pad gestuurd zonder kaders. Geen budget vooraf, geen duidelijke prioriteiten, geen omschrijving van wat de stand vooral moest uitstralen. Enkel “doe maar een voorstel”, en verder niets.

Dat patroon zie ik voortdurend terugkomen bij beslissingen die in een KMO blijven terugkeren. Niet omdat de inhoud fout is, maar omdat het mandaat vooraf nooit is vastgelegd. Wie achteraf pas ingrijpt, moet vaak alles opnieuw beginnen.

Wat is de 10-80-10-regel?

Later las ik over de 10-80-10-regel van Dan Martell, een Canadese ondernemer en investeerder die veel schrijft over leiderschap en het opschalen van bedrijven. Het model is eenvoudig, en precies daarom sterk:

  • De eerste 10%: u geeft als leidinggevende context en kaders.
  • De volgende 80%: uw team voert uit, op hun eigen manier.
  • De laatste 10%: u controleert het resultaat en geeft feedback.

Bij die beursstand was ik pas bij die laatste 10% ingestapt. Daardoor moest ik alles afkeuren. Te laat — het team had al weken werk geïnvesteerd in een richting die nooit haalbaar was.

Hoe herkaderden we het project, en wat leverde dat op?

We zijn opnieuw gestart. Deze keer met drie duidelijke grenzen vooraf: een vast maximumbudget, focus op het product in plaats van op decor, en een strakke timing richting de beurs. Het team ging opnieuw aan de slag, en kwam terug met een ontwerp waar zij zelf achter stonden, en waar ik ook mee akkoord kon gaan. De stand stond op tijd klaar, binnen budget, en trok precies de aandacht die we wilden.

Het verschil zat niet in meer overleg, of in minder vertrouwen geven. Het zat in tien minuten kaders, vooraf in plaats van achteraf.

Waarom gebeurt dit in bijna elk managementteam?

Als leidinggevende zet u voortdurend projecten uit binnen uw organisatie. Een investering, een reorganisatie, een nieuw systeem. U gaat er vaak van uit dat de kaders duidelijk zijn zodra u om een voorstel vraagt. Maar dat merkt u meestal pas bij de oplevering — wanneer bijsturen al een pak meer kost dan vooraf sturen.

Dat raakt ook aan een breder patroon: wie als ondernemer of leidinggevende alles zelf blijft goedkeuren, wordt op termijn zelf de vertragende factor in zijn eigen bedrijf.

Wat zijn concrete kaders die u vooraf kan meegeven?

Kaders hoeven niet ingewikkeld te zijn. Drie elementen volstaan meestal:

  • Een budget of grens. Wat mag het maximaal kosten, of hoeveel tijd mag het maximaal in beslag nemen?
  • Een prioriteit. Wat moet het resultaat vooral bereiken, en wat is minder belangrijk?
  • Een timing. Tegen wanneer moet het uitgevoerd of beslist zijn?

Met die drie elementen vooraf, kan een team zelfstandig werken binnen een richting die u vooraf al hebt goedgekeurd — in plaats van achteraf een compleet voorstel te moeten afkeuren.

Samenvattend: wat maakt delegeren in een KMO sterk?

Delegeren mislukt zelden omdat een team het niet kan. Het mislukt omdat het kader ontbreekt. De 10-80-10-regel maakt dat onderscheid concreet: kaders vooraf, uitvoering door het team, controle pas op het einde. Tien minuten kaders vooraf besparen weken werk achteraf — en een team dat zich vooraf gehoord voelt, werkt met meer overtuiging dan een team dat achteraf wordt teruggefloten.

Wil je uw manier van delegeren onder de loep nemen?

Elke KMO en elk team is anders. De juiste kaders hangen af van uw sector, uw team, en de aard van de beslissing.

Plan een vrijblijvend gesprek of neem contact op. Ik luister graag.

Share this:
Facebook
Twitter
LinkedIn
Email

Schrijf je in voor de nieuwsbrief